Algemene Rekenkamer
De Algemene Rekenkamer is een Hoog College van Staat, net als de Eerste en de Tweede Kamer, de Raad van State en de Nationale ombudsman. Hoge Colleges van Staat zijn onderdelen van de rijksoverheid die zijn ingesteld om de democratische rechtsstaat goed te laten functioneren. Hoge Colleges van Staat, en dus ook de Algemene Rekenkamer, hebben, anders dan andere overheidsinstellingen, een onafhankelijke positie ten opzichte van de regering. Taken, bevoegdheden en rechtspositie van Hoge Colleges van Staat zijn bij wet geregeld. Voor de Algemene Rekenkamer zijn dat de Grondwet en de Comptabiliteitswet.
De Algemene Rekenkamer heeft net als de Tweede Kamer tot taak het regeringsbeleid te controleren. Een groot verschil is echter dat de Algemene Rekenkamer uitsluitend oordelen geeft nadat het beleid is vastgesteld. Bovendien doet de Rekenkamer geen politieke uitspraken. Zij zal bijvoorbeeld nooit zeggen dat een bepaalde wet "niet deugt". Wel kan de Algemene Rekenkamer oordelen dat een wet niet werkt zoals hij was bedoeld.
De Algemene Rekenkamer ziet het als haar taak om de volksvertegenwoordiging te voorzien van bruikbare en relevante informatie, op basis waarvan Kamerleden snel kunnen bepalen of het beleid van een minister doel treft.
Wanneer Kamerleden of bewindspersonen behoefte hebben aan een onafhankelijk, deskundig oordeel over een bepaald onderwerp, kunnen ze de Algemene Rekenkamer vragen om hiernaar onderzoek te doen. Maar ze kunnen geen opdracht geven, omdat de Algemene Rekenkamer immers onafhankelijk is. Verzoeken van Kamerleden of bewindspersonen worden overigens wel vaak ingewilligd.
Het onderzoek van de Algemene Rekenkamer richt zich op het functioneren en het presteren van het openbaar bestuur. Ze doen onderzoek bij het rijk, maar ook bij instellingen die een publieke taak uitvoeren met publiek geld.
Onder de noemer 'functioneren van het openbaar bestuur' doet de rekenkamer onderzoek naar verantwoording en toezicht. Het gaat hier om de verantwoording van ministers aan de Tweede Kamer en de verantwoording van de overheid en van instellingen die een band hebben met de overheid (denk aan onderwijs, gezondheidszorg, politie) en het toezicht van de overheid op de naleving van de wet door instellingen en burgers.
Onder verantwoording en toezicht valt het traditionele rechtmatigheidsonderzoek, het onderzoek naar verantwoording en toezicht bij instellingen, maar ook onderzoek naar de kwaliteit van de informatie over het beleid, en onderzoek naar Europese geldstromen in Brussel en in de landen van de Europese Unie.
Onder de noemer 'presteren van het openbaar bestuur' doet de rekenkamer onderzoek naar de aansluiting van beleid en uitvoering. Hier gaat het dus om vragen als: wordt beleid waartoe besloten is uitgevoerd, wordt het goed uitgevoerd, leidt het tot de resultaten die bedoeld waren?
De rekenkamer beperkt zich tot die terreinen waar het gaat om grondrechten van de burger zoals publieke voorzieningen, met het accent op de thema's 'zorg', 'onderwijs' en 'werk en inkomen', veiligheid, (veiligheid op straat, terrorismebestrijding en voedselveiligheid), duurzame ontwikkeling
De Algemene Rekenkamer heeft ook onderzoeksbevoegdheden bij bedrijven en instellingen die door het Rijk financieel gesteund worden. Het gaat daarbij om bedrijven waarin de staat deelneemt en om bedrijven en instellingen die een subsidie, lening of garantie van het Rijk hebben gekregen. Ook hier is de centrale vraag of het overheidsgeld rechtmatig en doelmatig is besteed.
Daarnaast besteedt de Algemene Rekenkamer aandacht aan meer recente vormen van financiële relaties tussen het Rijk en bedrijven. Dit betreft onder meer publiek-private samenwerkingsverbanden waarbij overheid en private partijen samenwerken bij het realiseren van publieke doelen, zoals stedelijke ontwikkeling of aanleg en beheer van wegen en tunnels. Hierbij gaat de aandacht van de Algemene Rekenkamer niet alleen uit naar rechtmatigheid en doelmatigheid, maar ook naar de verdeling van risico's tussen overheid en bedrijven.